staart

Er was eens (Ergens Elders)

We wisten niet meer welke kromme-weg* door den lusthof te kiezen en vaarden ons vast. Onzen draed raakte stilaan overspannen en bleek veel te kort om onze verze vruchten* (over Er, Ergens, Elders en Elkaar) nog verder te laten groeien en rijpen. 


Lees verder...

Drie zwarte schapen

't Verze vruchtensap* droop uit de schoot van Ananke. Haar staart kwispelde blij de grot, wellustig in en uit wasemend en met schrapende tong deed ze de spinrok kraaien*.


Lees verder...

Gistern* en Morgen (Deel 2: Lentebrood)

Traag maar gestaag knopen we dit jaar achter en tussen de twee benen van één kreupelhouten sukkelaarskruk ook een staart aan het Blauwhausverhaal dat reeds meer dan één lente kent...


Lees verder...

Gistern* en Morgen (Deel 5: Bladval)

Aldus eindigt dit verhaal niet met krulstaart en een lange snuit, maar in een lus.


Lees verder...